Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › § 2.2.

Artikel Gebiedsbeschrijving

Artikel Gebiedsbeschrijving

Onderdeel van Welstandsnota Waterland 2013

a. Gebied De historische kern van Broek in Waterland beslaat het gebied dat in bijlage 1 (Gebiedsbepaling) van deze welstandsnota is aangegeven als ‘Afbeelding B’. Het gebied wordt omsloten door de Noordmeerweg in het noorden, het Dokterspad en Grutterspad, de N247, de Broekermeerdijk en de bebouwing ten westen van ’t Havenrak. Tot dit gebied wordt ook het gebied ten zuiden van de N247 gerekend. Het gaat hier om lintbebouwing langs de Molengouw en het Zuideinde. Broek in Waterland is ontstaan op de plaats waar een af-wateringsstroom in zee uitmondde. De bebouwing concentreerde zich rond het huidige Havenrak en breidde zich in noordelijke en zuidelijke richting in beperkte mate uit. De hoofdstructuur van Broek in Waterland is nog gelijk aan die van de ontstaansperiode en bestaat uit een open water ’t Havenrak waarop een aantal vaarten samen komen (Molengouw, Zesstedenvaart, ’t Dee, Broekervaart). Aan ’t Havenrak en parallel aan de verschillende vaarten is een langgerekte bebouwingstructuur ontstaan, bestaande uit een aantal (smalle) hoofdwegen en enkele steegjes. Omdat de meeste straten op het plein bij de zeventiende eeuwse Nederlands Hervormde Kerk uitkomen, kan dit deel van het dorp als middelpunt worden beschouwd. De hoofdstraten hebben een belangrijke woon- en verkeersfunctie. De doorgaans vrij ruime percelen liggen deels haaks (bijvoorbeeld langs Havenrak) en deels onder een bepaalde hoek (bijvoorbeeld langs De Erven) op de hoofdwegen. De verspringende rooilijnen en de verscheidenheid in bebouwing hebben tot gevolg dat de oorspronkelijke dorpskern een gevarieerd straatbeeld heeft. b. Gebouw De kenmerkende houtbouw overheerst in het karakteristieke dorpsbeeld. Enkele later gebouwde uit steen opgetrokken panden worden verspreid in de dorpsbebouwing aangetroffen. Over het algemeen doen zij, vanwege het neutrale karakter, het historisch beeld nauwelijks geweld aan. De gebouwen (grotendeels met woonfunctie) bestaan overwegend uit één bouwlaag met kap. Er komen zowel lijstgevels en topgevels, als daarvan afgeleide varianten voor. De woningen staan meestal met de nokrichting haaks op, maar soms ook evenwijdig aan de weg. Vanwege de verspringende rooilijnen is de relatie tussen de straat en het gebouw verschillend. Langs de oostzijde van het Havenrak zijn de huizen echter min of meer in één rooilijn gerangschikt. De meeste woningen hebben een voortuin, doch wisselend in omvang. Soms komt het ook voor dat de woning direct aan de weg is gesitueerd. In het hart van de oude kern staat een aantal bijzondere gebouwen: de Nederlands Hervormde Kerk en een voormalig schoolgebouw. Deze gebouwen wijken in maat en schaal af van de rest van de bebouwing. Het straatje De Laan, is aan één zijde bebouwd met een aantal waardevolle houten huizen, die met de soms rijk versierde topgevels naar de straat zijn gericht. Leeteinde, een smal straatje, bezit door zijn bochtig verloop en rijke boombegroeiing een hoge schoonheidswaarde. Het is voornamelijk slechts aan één kant bebouwd. De merendeels oudheidkundig waardevolle huizen (o.a. Wees- en Armenhuis) zijn in een verspringende rooilijn gesitueerd. Het Roomeinde heeft een geheel eigen karakter. Vele opvallend fraaie houten huizen, waarvan een aantal is gerestaureerd, begrenzen ter weerszijden deze tussen de bebouwing doorslingerende dorpsstraat. Ofschoon de bebouwing steeds west-oost is gericht, zijn huizen en boerderijen ten opzichte van elkaar sterk verspringend gesitueerd. Ondanks de openheid van de bebouwing, bezit een groot gedeelte van het Roomeinde een opvallende beslotenheid. De relatie met de westelijk gelegen weilanden is door de soms open erven en stegen bewaard gebleven. c. Detaillering De gebouwen zijn meestal rijk gedetailleerd. Dit uit zich bijvoorbeeld in de versierde topgevels of gevellijsten. Het materiaalgebruik is doorgaans hout en steen. Een groot deel van de woningen bestaat alleen uit hout. In andere gevallen is een combinatie van deze materialen toegepast: de eerste bouwlaag is van steen, de tweede bouwlaag is met hout bekleed. Enkele woningen zijn geheel uit steen opgetrokken. Voor de daken zijn dakpannen gebruikelijk. Broeker grijs en Bentheimer (voor beschot), groen of wit (voor ramen) en gebroken wit (voor lijstwerk) zijn kleuren die voor bebouwing in de dorpskern kenmerkend zijn.

Rechtspraak bij dit artikel