**1..** Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag.
**2..** Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht is niet van
toepassing op het besluit bedoeld in het eerste lid.
**3..** Indien een beslissing op de aanvraag niet binnen acht weken kan
worden gegeven, deelt het college dit aan de aanvrager mede en noemt
het daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beslissing op de
aanvraag wel tegemoet kan worden gezien.
**4..** Als er geen grond is om de vergunning te weigeren, kan het college
de beslissing op de aanvraag aanhouden, als voor de werkzaamheden
tevens een Omgevingsvergunning en/of een vergunning op grond van de
Algemene Plaatselijke Verordening en/of een vergunning van derden
benodigd is.
**5..** Het college kan de beslissing op de aanvraag niet aanhouden
indien:
de in het vierde lid bedoelde vergunning is afgegeven en zes
weken zijn verstreken waarbinnen geen bezwaar is aangetekend
dan wel
een verzoek om een voorlopige voorziening is ingediend en op
dat verzoek is beslist.
**6..** De vergunning wordt in ieder geval niet verleend indien niet wordt
voldaan aan het bepaalde bij of krachtens deze verordening.