Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 14.

Vangnet archeologie

Onderdeel van Erfgoedverordening Papendrecht 2012

Het is verboden de bodem, dieper dan 30 centimeter onder de oppervlakte, te verstoren in een archeologisch monument of een gebied waar archeologische vondsten of waarden worden verwacht als in het daar vigerende omgevingsplan niet is voldaan aan artikel 5.130 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, tenzij: voor de activiteit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste of tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet is verleend; het de verstoring betreft van een archeologisch monument, waarde of verwachting die is aangegeven op de gemeentelijke archeologische beleids-, waarden- of verwachtingskaart, de provinciale archeologische monumentenkaart of de landelijke indicatieve kaart van archeologische waarden en waarbij die verstoring plaatsvindt: in een gebied met middelhoge archeologische verwachtingswaarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 500 m2, of;in een gebied met een hoge archeologische verwachtingswaarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 250 m2, of in een gebied met een hoge archeologische verwachtingswaarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 250 m2, of in een gebied met zeer hoge archeologische verwachtingswaarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 30 m2 de activiteit plaatsvindt op basis van een deugdelijke beschrijving van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de groep aanwezige of te verwachten monumenten rekening wordt gehouden en onevenredige schade voor archeologische waarden wordt voorkomen, of met een vooronderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over het verrichten van archeologisch onderzoek.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel