Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 20

Herplant-/instandhoudingsplicht

Onderdeel van Verordening op de beplanting in Leiderdorp 2005

1.. Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing is, zonder vergunning ingevolge artikel 5, lid 1 of ontheffing ingevolge artikel 13, lid 1 is geveld, dan wel op andere wijze teniet is gegaan, kunnen burgemeester en wethouders aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te herplanten overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn. 2.. De verplichting en voorschriften van dit artikel kunnen gelden voor bomen kleiner dan de in artikel 1 van deze verordening genoemde minimummaat. 3.. Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na herplant en op welke wijze niet-geslaagde beplanting moet worden vervangen. 4.. Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing is in het voortbestaan ernstig worden bedreigd, kunnen burgemeester en wethouders aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de houtopstand bevindt dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om: Overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor die bedreiging wordt weggenomen; Een quick-scan, waarin wordt aangegeven wat de effecten, ook op de langere termijn, op de kwaliteit van de houtopstand zullen zijn, op te stellen en aan te bieden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel