Naar hoofdinhoud
In deze beleidsregel wordt verstaan onder: omgevingsvergunning: a. een vergunning voor het bouwen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1 lid 1, aanhef en onder a, Wabo; b. een vergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde of werkzaamhe-den als bedoeld in artikel 2.1 lid 1, aanhef en onder b, Wabo; c. een vergunning voor het slopen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1 lid 1, aanhef en onder g Wabo; d. bouw-, sloop- en aanlegvergunningen die op grond van het overgangsrecht uit de Invoeringswet Wabo als omgevingsvergunning voor een van de onder a tot en met c genoemde activiteiten gelden. intrekken: het op grond van artikel 2.33 lid 2, aanhef en onder a, Wabo geheel of gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning. urgente en zwaarwegende planologische belangen: het object waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft, is gesitueerd in een gebied waarvoor een ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd en gepubliceerd, waarbij de vergunde activiteiten dan wel het object het toe-komstig planologisch kader belemmeren dan wel onmogelijk maken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel