Naar hoofdinhoud

Paragraaf

Artikel 4

Hoogte van de toeslag

Onderdeel van Verordening langdurigheidstoeslag 2012 - 2

De hoogte van de langdurigheidstoeslag bedraagt per jaar: de gehuwden tezamen: 38,5% van de bijstandsnorm op 1 januari, zoals opgenomen in artikel 21 onder c van de wet; alleenstaande ouders: 38,5% van de som van de bijstandsnorm op 1 januari, zoals opgenomen in artikel 21 onder b van de wet en de toeslag, genoemd in artikel 25, tweede lid, op 1 januari van de wet; alleenstaande: 38,5% van de som van de bijstandsnorm op 1 januari zoals opgenomen in artikel 21 onder a van de wet en de toeslag, genoemd in artikel 25, tweede lid, op 1 januari van de wet; de bedragen worden naar boven afgerond op hele euro’s. Voor de toepassing van het eerste lid is de situatie op de peildatum bepalend. Op de toeslag, zoals opgenomen in het eerste lid, wordt in mindering gebracht het bedrag op jaarbasis waarmee de uitkering (inclusief de aanvulling op basis van de Toeslagenwet) van de belanghebbende, de van toepassing zijnde bijstandsnorm overschrijdt. Indien slechts een van de gehuwdenrecht op langdurigheidstoeslag heeft, is voor hem de norm gelijk aan de norm die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou moeten gelden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel