**1..** Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt een bekostiging, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer bedraagt dan vijf kilometer.
**2..** Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 geldt voor de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs uit cluster 4 bezoekt als dichtstbijzijnde toegankelijke school, de school die door de commissie voor de indicatiestelling is geadviseerd. Dit is van toepassing zolang de leerling zijn woonplaats heeft in het gebied van het regionale expertisecentrum waaraan voornoemde commissie is verbonden.
**3..** Indien het college de gevraagde bekostiging niet of slechts gedeeltelijk verstrekt, betrekt zij bij de beoordeling van de aanvraag voor een bekostiging eventuele (vervoers)adviezen van de commissie voor de begeleiding of het advies van andere deskundigen die voor de beoordeling van die aanvraag van belang zijn.
**4..** Als de commissie voor de begeleiding binnen vier schoolweken na verzending van de adviesaanvraag geen advies heeft uitgebracht of niet schriftelijk om verlenging van de adviestermijn met ten hoogste twee weken heeft verzocht, wordt door het college het besluit genomen zonder het advies van de commissie voor de begeleiding.
Hoofdstuk 3
Artikel 13
Algemene bepalingen
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer gemeente Horst aan de Maas