Wanneer in redelijkheid niet (meer) kan worden verondersteld dat een
nieuwe taak als het huishouden nog is te trainen of aan te leren,
zoals bij ouderen op hoge leeftijd (> 75 jaar) kan, indien nodig,
hulp voor die zwaar
huishoudelijke taken worden geïndiceerd die anders tot de
gebruikelijke zorg zouden worden gerekend. Als binnen een
leefeenheid degene die de huishouding voert, uitvalt en de andere
partner is weliswaar gezond, maar ouder dan 75, dan wordt toch hulp
bij het huishouden geïndiceerd.
Wanneer de hulpbehoevende partner overlijdt kan zonodig de hulp
worden voortgezet aangepast aan de nieuwe woonsituatie.
Deel › Hoofdstuk 6
Artikel 6.2
Huisgenoot/partner ouder dan 75 jaar
Onderdeel van Beleidsregels hulp bij het huishouden en gebruikelijke zorg behorende bij de Voorzieningenverordening WMO 2010