1. Het college kan besluiten om in aansluiting op de inkomstenvrijlating genoemd in artikel 21 lid 1, inkomsten uit arbeid tot 12,5% van die inkomsten vrij te laten tot het wettelijk vastgesteld maximum per maand, gedurende ten hoogste een periode van dertig aaneengesloten maanden.
2. Het college stelt nadere regels vast over de voorwaarden waaronder zij oordeelt dat het werk bijdraagt aan de arbeidsinschakeling van de uitkeringsgerechtigde.
3. De aanvullende inkomstenvrijlating is niet van toepassing op jongeren.
Artikel 24
Aanvullende inkomensvrijlating voor alleenstaande ouders
Onderdeel van Re-integratieverordening Wet werk en bijstand 2012