1. In afwijking van artikel 3:5:1 van de CAR/UWO geldt als minimale gratificatie bij een diensttijd van: a. 25 jaar een bedrag overeenkomende met salarisschaal 1, salarisnummer 11 van de bijlage IIa van de CAR; b. 40 jaar een bedrag overeenkomende met salarisschaal 8, salarisnummer 11 van de bijlage IIa van de CAR.
Als de ambtenaar geen volledige betrekking vervult wordt de gratificatie proportioneel berekend, waarbij de teller wordt gevormd door het aantal uren van de betreffende deelbetrekking en de noemer door het aantal uren van een volledige betrekking.