Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 4

De samenstelling van de inburgeringsvoorziening

Onderdeel van Verordening Wet inburgering Den Haag 2013

1.. Het college stemt de inburgeringsvoorziening aan de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a, af op het startniveau en de vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden en de maatschappelijke positie van de inburgeringsplichtige. 2.. Indien de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a, een voorziening gericht op arbeidsinschakeling wordt aangeboden, draagt het college er zorg voor dat de inburgeringsvoorziening op de voorziening gericht op arbeidsinschakeling wordt afgestemd. 3.. Aan de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a, biedt het college maatschappelijke begeleiding aan. 4.. Een inburgeringsvoorziening kan, naast datgene dat in de wet is geregeld, een of meer van de volgende onderdelen bevatten: activiteiten gericht op arbeid of de verwerving daarvan, zoals stages, regulier of gesubsidieerd betaald werk, vrijwilligerswerk, bemiddeling naar arbeid etc.; activiteiten gericht op vervolgopleiding of voorbereiding daarop; activiteiten gericht op participatie, gezin en zelfredzaamheid sociale vaardigheden, financiële administratie, computer en internet, opvoedingsondersteuning, gezondheid, thuisstudie met behulp van de computer, tv en radio etc.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel