**1..** Een woonvoorziening als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 wordt niet verstrekt indien en voor zover het voorzieningen betreffen aan hotels/pensions, trekkerswoonwagens, inrichtingen, vakantiewoningen, tweede woningen, onzelfstandige woonruimten, woonruimten waarvan door hun bestemming bij voorbaat vaststaat dat deze slechts tijdelijk zullen worden bewoond en specifiek op gehandicapten en/of ouderen gerichte woongebouwen voor wat betreft voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten of voorzieningen die bij (nieuw)bouw of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kunnen worden.
**2..** Een woonvoorziening als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder a en b wordt niet verstrekt, indien en voor zover:
de ondervonden ergonomische belemmeringen voortvloeien uit de aard van de in de woonruimte gebruikte materialen of uit de slechte staat van onderhoud van de woonruimte;
ten tijde van het betrekken van de woonruimte voorzienbaar was dat in deze woonruimte ergonomische belemmeringen zouden worden ondervonden;
de gehandicapte zijn huidige woonruimte zonder recht of titel bewoont.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 1
Artikel 2.3
Uitsluitingen
Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten 2006