Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2

Artikel 2.5

Andere voorwaarden voor verstrekking van een vergoeding in de verhuiskosten, inrichtingskosten en de kosten van woningsanering

Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten 2006

1.. Het college verstrekt slechts een vergoeding in de verhuis- en inrichtingskosten, indien: de verhuizing niet heeft plaatsgevonden voordat de aanvraag bij het college is ingediend; de gehandicapte niet voor het eerst zelfstandig gaat wonen; de gehandicapte verhuist vanuit of naar een woonruimte die geschikt is om het gehele jaar door te worden bewoond; de gehandicapte niet verhuist naar een AWBZ-inrichting of een andere onzelfstandige woonruimte. 2.. Het college kan een vergoeding verstrekken in de verhuis- en inrichtingskosten als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub a aan een persoon die ten behoeve van een gehandicapte een aangepaste woonruimte ontruimt. 3.. Het college verstrekt een financiële tegemoetkoming in de kosten voor woningsanering als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub d, indien: de noodzaak hiertoe, vanwege caraklachten in verband met een allergie voor huisstof of huisstofmijt, is vastgesteld; er bij de aanschaf van de huidige vloer- en raambedekking geen sprake was van een (verwachte) noodzaak tot woningsanering; niet eerder voor de aanvrager op grond van de Wet of een andere regeling de huidige woning is gesaneerd; de woningsanering niet heeft plaatsgevonden voordat het college op de aanvraag heeft beschikt; de woningsanering is aangevraagd binnen één jaar nadat voor de eerste maal een allergie voor huisstofmijt is vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel