De voorbereiding van besluiten over onderstaande vergunningen of ontheffingen kan gecoördineerd worden met de in artikel 2 genoemde besluiten die de basis vormen voor de toepassing van de coördinatieregeling op grond van deze verordening:

  • - een ontheffing als bedoeld in artikel 6 van de Woningwet;
  • - een afwijking als bedoeld in artikel 3.6 lid 1 onder c van de Wet ruimtelijke ordening;
  • - een ontheffing als bedoeld in artikel 11 van de Woningwet;
  • - instemming voor het aanleggen, beschadigen, opbreken of veranderen van een weg (artikel 2:11), een uitwegvergunning (artikel 2:84), een kapvergunning (artikel 2:87), als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening;
  • - het besluit tot vaststelling van een hogere waarde (‘ontheffing’) als bedoeld in artikel 45, 47, 55, 61, 83, 85, 100a of 106d van de Wet geluidhinder;
  • - een vergunning als bedoeld in artikel 9 lid 2, artikel 15 en/of artikel 18 lid 1 van de Monumentenverordening Den Haag.