Overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 11, 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 23, 24, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 31 en 32 wordt gestraft met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak (het betreffen strafbare feiten in de zin van artikel 1a, sub 3, Wet op de economische delicten).