Op basis van de verordening leerlingenvervoer zijn ouders verantwoordelijk voor het begeleiden van hun kinderen. Begeleiding is gericht op het zelfstandig naar school gaan van de leerling. Wanneer na 10 weken begeleiding is aangetoond, dan wel onderzocht dat de leerling niet op korte termijn zelfstandig of met andere leerlingen kan reizen, kan er een vervangende vervoersvoorziening worden getroffen.