Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3:2a

Inleenvoorschrift gelijke beloning payrolling

Onderdeel van CAR/UWO

1. Het college spreekt schriftelijk met de payroll werkgever af dat de totale beloning van de payrollwerknemer vanaf de eerste werkdag van de ter beschikkingstelling bij de gemeente vergelijkbaar ismet de totale beloning van de ambtenaar, die een gelijke of gelijkwaardige functie vervult onderdezelfde of vergelijkbare omstandigheden. 2. De totale beloning wordt bij de ter beschikkingstelling van de payroll werknemer vastgesteld.Voor de toepassing van dit artikel wordt onder de totale beloning naast de wettelijk verplichteloonbestanddelen in de inlenersbeloning, in ieder geval verstaan: de beloningselementen van het IKB bedoeld in artikel 3:28 lid 2 onderdeel b en 3:28 lid 2onderdeel c; en de werkgeverspremie ouderdomspensioen (OP) / nabestaandenpensioen (NP) enarbeidsongeschiktheidspensioen (AAOP) van het ABP. 3. Als de gelijke of gelijkwaardige beloningselementen niet volledig onderdeel uitmaken van detotale beloning aan de payroll werknemer die een gelijke of gelijkwaardige functie vervult, danspreekt het college schriftelijk met de payroll werkgever af dat de payroll werknemer een toelage tercompensatie ontvangt. 4. De toelage ter compensatie van de beloningselementen wordt uitgedrukt in een percentage vanhet salaris van de payroll werknemer en is niet pensioengevend. De toelage is gelijk aan hetverschil tussen: de hoogte van gelijke of gelijkwaardige beloningselementen in lid 2 onderdeel a die de payrollwerknemer per maand opbouwt of ontvangt, en de hoogte van de beloningselementen in lid 2 onderdeel a die een ambtenaar per maandopbouwt of ontvangt. 5. Als de payroll werknemer geen deelnemer is bij het ABP, dan spreekt het college schriftelijk metde payroll werkgever af dat de payroll werknemer vanaf de eerste werkdag pensioen opbouwtvolgens de Plus-regeling bij de STIPP vermeerderd met een toelage. De toelage ter compensatievan het verschil in pensioenopbouw met het ABP bedraagt 7% van het salaris. De hoogte van detoelage kan jaarlijks worden bijgesteld. 6. Het college verstrekt de payroll werkgever schriftelijk alle informatie en middelen, waaronder deMatrix flexibiliteit en zekerheid, die nodig zijn om de totale beloning en eventuele toelage correctvast te stellen. De payroll werkgever informeert vervolgens bij aanvang van de terbeschikkingstelling de payroll werknemer schriftelijk als de payroll werknemer een toelage krijgtuitbetaald. Het college vergewist dan bij de payroll werkgever of de payroll werknemer de correctetoelage ontvangt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel