Naar hoofdinhoud
Indien na heronderzoek door het college is besloten dat collectief aanvullend vervoer wordt geïndiceerd in plaats van de eerder geïndiceerde brandstofkostenvergoeding of iemand komt niet meer in aanmerking voor brandstofkostenvergoeding en ook niet voor een andere vervoersvoorziening, wordt op verzoek van de belanghebbende een overgangstijd als gewenningsperiode van zes maanden ingevoerd. Na zes maanden stopt de financiële tegemoetkoming voor brandstofkostenvergoeding en kan de geïndiceerde eventueel gebruik maken van collectief aanvullend vervoer indien geïndiceerd.

Rechtspraak bij dit artikel