Het bedrag dat beschikbaar wordt gesteld voor kunst bij projecten als bedoeld in artikel 4, wordt vastgesteld op basis van de volgende percentages:
over bouwkredieten tot 3 miljoen euro: 1% van de kosten (t.w. max. € 30.000,--);
over bouwkredieten tussen 3 en 15 miljoen euro: 1% over de eerste 3 miljoen en 0,5 over de rest, min. € 30.000,-- en max. € 90.000,--;
over bouwkredieten boven 15 miljoen: over de meerkosten 0,25%, tot een maximum kunstkrediet van 100.000,--;
over kredieten voor bouwrijp maken van nieuwe wijken wordt 1% van de kosten ingezet (dit betreft veelal meerdere kunstopdrachten in het betreffende plangebied).