In dit artikel wordt verstaan onder:
Wet: de Wet op de kansspelen;
speelautomaat: automaat als bedoeld in artikel 30, onder a, van de
Wet;
kansspelautomaat: automaat als bedoeld in artikel 30, onder c, van de
Wet;
hoogdrempelige inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 30, onder d,
van de Wet;
laagdrempelige inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 30, onder e,
van de Wet.
In hoogdrempelige inrichtingen zijn twee speelautomaten toegestaan, waarvan
maximaal twee kansspelautomaten.
In laagdrempelige inrichtingen is één speelautomaat toegestaan, met dien
verstande dat kansspelautomaten in het geheel niet zijn toegestaan.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 9
Artikel 2:38
Speelautomaten
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Opsterland 2013