In het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of
opheffing van overlast dan wel voorkoming van schade aan de openbare gezondheid,
kan het college plaatsen aanwijzen die buiten een inrichting in de zin van de
Wet milieubeheer, in de openlucht of buiten de weg zijn gelegen, waar het
verboden is de volgende voorwerpen of stoffen op te slaan, te plaatsen of
aanwezig te hebben:
onbruikbare of aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voer- of
vaartuigen of onderdelen daarvan;
bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen daarvan;
kampeermiddelen als bedoeld in artikel 4:23 of onderdelen daarvan, indien het
plaatsen of aanwezig hebben daarvan geschiedt voor verkoop of verhuur of
anderszins voor een commercieel doel; of
mestopslag, gierkelders of andere verzamelplaatsen van vuil, een verzameling
ingekuild gras, loof of pulp of ingekuilde landbouwproducten, afbraakmaterialen
en oude metalen.
Het college kan bij de aanwijzing nadere regels stellen.
Dit artikel is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien
krachtens de Wet ruimtelijke ordening of door of krachtens de Provinciale
Verordening
Hoofdstuk 4 › Afdeling 5
Artikel 4:19
Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen enz.
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Opsterland 2013