1 De directeur verleent een ambtenaar, met inachtneming van artikel 1:2:1, in verband met een voorgenomen opleiding studiefaciliteiten zoals in de volgende artikelen omschreven, op voorwaarde dat:
a. er voldoende financiële middelen ter beschikking staan;
b. de dienst het toelaat;
c. over de opleiding door de directeur deugdelijk wordt geoordeeld.
d. door of namens het college is vastgesteld dat het in het gemeentelijk belang is dat de ambtenaar de opleiding waarvoor hij faciliteiten krijgt toegekend, volgt;
2 De studiefaciliteiten worden verleend voor een door de directeur bij de verlening te bepalen termijn, die wordt afgeleid van de normaal te achten duur van de opleiding. Indien de opleiding langer dan één jaar duurt, zal jaarlijks worden beoordeeld of dit nog past binnen de mogelijkheden van het opleidingsbeleid en de beschikbare middelen.