Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Klachtenregeling openbaar primair en openbaar voortgezet onderwijs

1.. De klager dient de klacht in bij: het bevoegd gezag; of de klachtencommissie. 2.. De klacht dient binnen een jaar na de gedraging of beslissing te worden ingediend, tenzij de klachtencommissie anders beslist 3.. Indien de klacht bij het bevoegd gezag wordt ingediend, verwijst het bevoegd gezag de klager naar de vertrouwenspersoon of klachtencommissie, tenzij toepassing wordt gegeven aan het vierde lid. 4.. Het bevoegd gezag kan de klacht zelf afhandelen indien hij van mening is dat de klacht op een eenvoudige wijze kan worden afgehandeld. Het bevoegd gezag meldt een dergelijke afhandeling op verzoek van de klager aan de klachtencommissie. 5.. Indien de klacht wordt ingediend bij een ander orgaan dan de in het eerste lid genoemde, verwijst de ontvanger de klager aanstonds door naar de klachtencommissie of naar het bevoegd gezag. De ontvanger is tot geheimhouding verplicht. 6.. Het bevoegd gezag kan een voorlopige voorziening treffen. 7.. Op de ingediende klacht wordt de datum van ontvangst aangetekend. 8.. Het bevoegd gezag deelt de directeur van de betrokken school schriftelijk mee dat er een klacht wordt onderzocht door de klachtencommissie 9.. Klager en aangeklaagde kunnen zich laten bijstaan of laten vertegenwoordigen door een gemachtigde.

Rechtspraak bij dit artikel