Het college kan, onverminderd het elders bij of krachtens deze verordening bepaalde, een toestemming of aanwijzing weigeren, wijzigen of intrekken indien:
een of meer van de belangen die worden beschermd door deze verordening, te weten de ordening, de veiligheid, het milieu en de omgeving van de haven en de kwaliteit van de dienstverlening in de haven, dat noodzakelijk maken;
de verbonden voorschriften of beperkingen waaronder zij is verleend, niet zijn of worden nageleefd;
zich na de verlening een zodanig feit of omstandigheid voordoet dat, indien dit ten tijde van de verlening bekend was geweest, de toestemming niet of niet onder die voorschriften of beperkingen zou zijn verleend;
op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de toestemming of het geven van de aanwijzing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de toestemming of aanwijzing is vereist;
ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn of, bij gebreke van een dergelijke termijn, binnen een naar het oordeel van het college redelijke termijn; of
degene voor wie de toestemming geldt of op wie de aanwijzing betrekking heeft, dit verzoekt.
Paragraaf § 1
Artikel 1.7
Weigeren, wijzigen of intrekken van toestemming of aanwijzing
Onderdeel van Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2012