Naar hoofdinhoud

Paragraaf 4

Artikel 4.13

Verbod vast- en losmaken schepen

Onderdeel van Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2012

1.. Het is een ieder verboden de diensten van bootman te verrichten, voor zover het betreft een zeeschip: met een lengte van meer dan 75 meter; of met een lengte van 75 meter of minder dat is gebouwd of wordt gebezigd voor het vervoer van vloeibare gevaarlijke stoffen in bulk, tenzij het schip leeg is en de tanks van die stoffen zijn gereinigd. 2.. Het eerste lid is niet van toepassing, indien: terstond als bootman wordt gehandeld door de bemanningsleden die, bij aankomst of vertrek van het schip op de betreffende ligplaats, aan boord zijn en de kapitein dit meldt aan de havenmeester; wordt gehandeld door een bootman die aangesloten is bij een door het college erkende bootliedenorganisatie; het zeeschip wordt verhaald langs een kade, zonder daarvan volledig los te komen; de werkzaamheden worden verricht in het kader van de opleiding Bootman, onder verantwoordelijkheid van een bootman als bedoeld in onderdeel b; of het marine- of visserijschepen betreft en de kapitein aan de havenmeester meldt dat van de dienst van een bootman geen gebruik wordt gemaakt.

Rechtspraak bij dit artikel