**1..** Direct voorafgaand aan het in artikel 4.8 van de Havenverordening bedoelde bunkeren of het onderiing overpompen van brandstofolie of smeerolie tussen bunkerschepen, wordt, door de schipper van het brandstofolie of smeerolie pompende bunkerschip, aan de havenmeester gemeld:
de namen van de bij het bunkeren of onderling overpompen betrokken schepen;
de ligplaats waar het bunkeren of overpompen zal plaatsvinden;
de soort en hoeveelheid brandstofolie of smeerolie die gebunkerd of gepompt gaat worden; en
het tijdstip van aanvang van bunkeren of overpompen.
** 2. .** Direct voorafgaand aan het LNG-bunkeren wordt door de schipper van het LNG-bunkerschip, aan de havenmeester gemeld:
de naam van het LNG-bunkerschip;
de naam van het te LNG-bunkeren schip;
de ligplaats waar het LNG-bunkeren zal plaatsvinden;
de hoeveelheid LNG die geLNG-bunkerd gaat worden;
het debiet waarmee geLNG-bunkerd gaat worden en;
het tijdstip van aanvang van LNG-bunkeren.
**3..** Direct na afloop van de handelingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt het tijdstip van beëindiging daarvan aan de havenmeester gemeld.
**4..** De meldingen, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, vinden plaats op een door de havenmeester aan te geven wijze.
Paragraaf 11
Artikel 11.2
Melding bunkeren of overpompen van brandstofolie of smeerolie
Onderdeel van Havenreglement Noordzeekanaalgebied 2012