**10.1.** Voor voorzieningen die verstrekt worden in eigendom wordt een eigen bijdrage opgelegd gedurende 39 periodes van 4 weken (3 jaar). De ‘kosten van de voorziening per 4 weken’ worden als volgt vastgesteld: de aanschafprijs van de voorziening, gedeeld door 39 periodes van 4 weken.
**10.2.** Uitzondering op artikel 10.1 zijn voorzieningen als toiletstoel, douchestoel en badplank, hiervoor geldt dat gedurende 13 periodes van 4 weken een eigen bijdrage wordt opgelegd.
**10.3.** Voor voorzieningen in bruikleen wordt een eigen bijdrage opgelegd zolang de voorziening gebruikt wordt. De ‘kosten van de voorziening per 4 weken’ worden als volgt vastgesteld: de prijs (aanschaf, accessoires, onderhoud) voor de voorziening gedeeld door de levensduur van de voorziening, omgerekend naar een bedrag per 4 weken. Zie bijlage 1 m.b.t. bepaling maximale periode van eigen bijdrage/eigen aandeel.
**10.4.** Indien gekozen wordt voor een eenmalig persoonsgebonden budget in plaats van een voorziening in bruikleen, wordt een eigen bijdrage opgelegd gedurende een periode die overeenkomst met de gemiddelde levensduur van de voorzieningensoort waarvoor het persoonsgebonden budget wordt verstrekt. De ‘kosten van de voorziening per 4 weken’ worden als volgt vastgesteld: het eenmalige persoonsgebonden budget bedrag gedeeld door het aantal periodes van 4 weken waarover de eigen bijdrage verschuldigd is.
**10.5.** Indien gekozen wordt voor een eenmalig persoonsgebonden budget in plaats van een voorziening is eigendom, wordt een eigen bijdrage opgelegd gedurende 39 periodes van 4 weken (3 jaar). De ‘kosten van de voorziening per 4 weken’ worden als volgt vastgesteld: het eenmalige persoonsgebonden budget bedrag gedeeld door 39 periodes van 4 weken. Tenzij het een voorziening betreft die valt onder artikel 10.2.
Hoofdstuk 3
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Raalte 2013