Het college maakt gebruik van de bevoegdheid tot:
herzien of intrekken van het toekenningsbesluit zoals bedoeld ingevolge artikel 69 lid 3a, b en 4 van de Awb, of artikelen 53a lid 2, 54 lid 3 WWB, of artikelen 14, 25 en 40 lid 3 en 4 WIJ, of artikel 17 lid 3 en 4 IOAW en IOAZ;
het terugvorderen van ten onrechte verleende bijstand zoals bedoeld in de artikelen 58 tot en met 60 WWB, de artikelen 25 tot en met 31 IOAW en IOAZ of het terugvorderen van de ten onrechte verstrekte inkomensvoorziening zoals bedoeld in artikelen 54 tot en met 56 WIJ;
verhaal van verleende bijstand als bedoeld in artikel 61 en 62 WWB en verleende inkomensvoorziening als bedoeld in artikel 57 van de WIJ;
vestiging van zekerheidsrechten door middel van hypotheekrechten op woningen of pandrechten op woonwagens of woonschepen indien bijstand in de vorm van een geldlening wordt verleend zoals bedoeld in artikel 48 WWB en artikel 39a WIJ. Voor geldleningen beneden € 5000,- wordt geen hypotheek of pand geëist.
Artikel 2
Gebruik maken van de bevoegdheid
Onderdeel van Beleidsregel Terugvordering en Verhaal WWB, WIJ, IOAW EN IOAZ