**1..** De belasting wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit
water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd,
dan wel dat belang heeft bij de nakoming van de gemeentelijke
waterzorgplichten, verder te noemen: gebruikersdeel.
**2..** Als gebruiker wordt aangemerkt degene die naar de omstandigheden
beoordeeld het perceel al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt
recht of persoonlijk recht gebruikt;
**3..** voor toepassing van het tweede lid wordt:
gebruik van een perceel door de leden van een huishouden
aangemerkt als gebruik door het door de in artikel 231, tweede
lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar
aangewezen lid van dat huishouden;
gebruik door degene aan wie een deel van een perceel – niet
zijnde een gedeelte als bedoeld in artikel 4 – in gebruik is
gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in
gebruik heeft gegeven.
het ter beschikking stellen van een perceel voor volgtijdig
gebruik aangemerkt als gebruik door degene die dat perceel ter
beschikking heeft gesteld.
Artikel 3
Belastbaar feit en belastingplicht
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2013