1. De subsidieontvanger heeft de mogelijkheid om maximaal 10 % van het verleende subsidiebedrag te bestemmen als egalisatie/algemene reserve.
2. In enig jaar mag het saldo van de egalisatie/algemene reserve nooit hoger zijn dan 10 % van het verleende subsidiebedrag over dat jaar.
3. Deze egalisatie/algemene reserve wordt geacht te zijn gevormd uit overschotten die zijn toe rekenen aan de ontvangen subsidies van de subsidieverstrekkers.
4. Indien de totale reservepositie de grens van 10 % overschrijdt, dan wordt dit naar rato van de subsidieverlening door de subsidieverstrekkers verrekend met de subsidieverlening voor het daarop volgende jaar.
Artikel 17
Egalisatie/algemene reserve regionaal werkende instellingen
Onderdeel van Deelverordening beleidsgestuurde contractfinanciering professionele maatschappelijke instellingen gemeente Twenterand 2013