Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene
uitgangspunten:
De gemeente mag leningen of garanties uit hoofde van de
“publieke taak” uitsluitend verstrekken aan door de
Gemeenteraad goedgekeurde derde partijen, waarbij vooraf
advies van de afdeling Financiën wordt ingewonnen over
de financiële positie en de kredietwaardigheid van de
betreffende partij.
De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de
treasuryfunctie indien deze uitzettingen een prudent
karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren
van inkomen door het lopen van overmatig risico. Het
prudente karakter van deze uitzettingen wordt
gewaarborgd middels de richtlijnen en limieten van dit
treasurystatuut;
Het gebruik van derivaten is niet toegestaan.