Naar hoofdinhoud
De draagkracht wordt bepaald aan de hand van het inkomen gedurende de draagkrachtperiode – maximaal een jaar. Daar het periodieke bijzondere bijstand betreft (de kosten van de kinderopvang dienen immers maandelijks te worden betaald) wordt de draagkracht per maand vastgesteld. Leden 1, 2 en 3 Bij toekenning van de bijzondere bijstand wordt gekeken naar het inkomen van de ouder, of indien van toepassing van het gezin. Afhankelijk van de hoogte daarvan geldt er een bepaald percentage aan draagkracht. Lid 4 In afwijking van de vermogensbepaling voor de algemene bijstand worden alleen de banksaldo’s boven het vrij te laten bedrag als bedoeld in artikel 34 van de Wet werk en bijstand als vermogen gezien.

Rechtspraak bij dit artikel