**1..** Het vormen van reserves en/of vermogen is toegestaan indien dit het
doel heeft de vervanging van goederen dan wel kapitaalinvesteringen
mogelijk te maken. De hoogte van het bedrag is, ongeacht de
herkomst, onderworpen aan voorafgaande goedkeuring van het college,
dat hierbij nadere regels hanteert.
**2..** Het vormen van reserves en/of vermogen is toegestaan indien deze
worden gegenereerd en gereserveerd ten behoeve van maatschappelijke
activiteiten, in overeenstemming met doelstellingen van gemeentelijk
beleid.
**3..** Het college hanteert nadere regels bij de beoordeling van reserve-
en vermogensposities, als bedoeld in het tweede lid en gegeven
artikel 2:3 lid 1, ongeacht hun totstandkoming, bij de verlening of
weigering van subsidie.
**4..** Bij het besluit tot subsidieverlening kan een instelling worden
verplicht om een egalisatiereserve te vormen als bedoeld in artikel
4:72 Awb.
**5..** Het is een instelling toegestaan om, los van reserve- of
vermogensvorming als bedoeld in het tweede lid, specifiek benoemde
bestemmingsreserves of financiële voorzieningen te vormen, voor
zover dit bij de aanvraag om subsidie wordt aangegeven en planmatig
door de aanvragende instelling wordt onderbouwd.
**6..** Het college kan in het besluit tot subsidieverlening of in de
uitvoeringsovereenkomst ingevolge artikel 4:36 Awb (beperkende)
voorwaarden verbinden aan het vormen van bestemmingsreserves en
financiële voorzieningen.
**7..** In de gevallen als bedoeld in artikel 4:41, tweede lid, Awb is de
instelling aan het college een vergoeding verschuldigd, welke bij
afzonderlijke besluitvorming wordt vastgesteld.
**8..** De vergoeding bedraagt maximaal het bedrag waarmee subsidiëring door
het college heeft bijgedragen aan de vermogensvorming in verhouding
tot de andere middelen die daaraan hebben bijgedragen.
**9..** Bij de bepaling van de hoogte van de vergoeding wordt uitgegaan van
de economische waarde van de eigendommen en de andere
vermogensbestanddelen op het tijdstip waarop de vergoeding
verschuldigd wordt, met dien verstande dat bij verlies of
beschadiging van eigendommen wordt uitgegaan van het bedrag, dat als
schadevergoeding door de instelling is ontvangen. Indien het een
onroerende zaak betreft, geschiedt de waardebepaling door één of
drie onafhankelijke deskundigen.
**10..** Het college kan op een daartoe strekkend verzoek besluiten dat geen
vergoeding is verschuldigd, indien de activiteiten of werkzaamheden
van de instelling worden overgenomen en voortgezet door een
rechtspersoon met een gelijke of nagenoeg gelijke doelstelling, en
de activa en passiva tegen boekwaarde worden overgenomen.
**11..** Ingeval sprake is van ontbinding van een rechtspersoon die subsidie
heeft ontvangen, dan wel, naar het oordeel van het college,
kennelijke beëindiging van de activiteiten en indien de instelling
naar het oordeel van het college niet in staat is de eventueel
resterende gelden of (on)roerende zaken overeenkomstig de
doelstelling van de instelling aan te wenden, wordt het positief
liquidatiesaldo bij voorrang ter beschikking gesteld van de gemeente
Den Helder, indien een eventueel batig saldo van de door een
accountant als bedoeld in artikel 2:393, eerste lid Burgerlijk
Wetboek opgestelde (liquidatie)rekening dit toelaat.
**12..** Het college kan bij nadere regel afwijken van het bepaalde in het
eerste lid.