Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II › Paragraaf

Artikel 18

Voorwerpen in de wateren

Onderdeel van Verordening op het gebruik van de openbare havens en binnenwateren

1.. Het is in verband met de veiligheid op de wateren verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders een voorwerp, niet zijnde een vaartuig, op, in, of boven wateren te plaatsen, aan te brengen of te hebben. 2.. Het in het eerste lid bepaalde is niet van toepassing op voorwerpen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard. 3.. Het is verboden op, in of boven de wateren voorwerpen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard te plaatsen, aan te brengen of te hebben, indien deze door hun omvang of vormgeving, constructie of plaats van bevestiging gevaar opleveren voor de bruikbaarheid van de wateren of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de wateren. 4.. Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover het Binnenvaartpolitiereglement, het Algemeen reglement van politie voor rivieren en rijkskanalen, of het Reglement vaarwater Noord-Holland van toepassing is.

Rechtspraak bij dit artikel