Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 31

Artikel 31

Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING BEDRIJVENSCHAP BUSINESSPARK VENLO

De regeling wordt aangegaan voor een periode van twintig jaar. De regeling kan tussentijds worden beëindigd dan wel voor een bepaalde periode worden verlengd krachtens een gezamenlijk besluit daartoe van de deelnemende gemeenten. Indien de deelnemende gemeenten hebben besloten tot beëindiging, besluit het algemeen bestuur tot ontbinding en vereffening. Het algemeen bestuur stelt alsdan een liquidatieplan op, dat voorziet in de verplichting van de deelnemende gemeenten tot deelneming in de financiële en personele gevolgen van de opheffing van de regeling op de wijze en volgens de regelen als in de Wet gemeenschappelijke regelingen voorzien en met inachtneming van hetgeen hiervoor in artikel 26 is bepaald. De organen van de regeling blijven in functie zolang dat voor de liquidatie is vereist. Het liquidatieplan behoeft de instemming van de raden van de deelnemende gemeenten. Een deelnemende gemeente kan besluiten tot uittreding uit het bedrijvenschap door middel van een schriftelijke mededeling van dit besluit aan de secretaris van het bedrijvenschap. Daarbij wordt een termijn van tenminste een jaar in acht genomen. Uittreding kan slechts plaatsvinden bij het einde van een kalenderjaar. Bij uittreding van een deelnemende gemeente stelt het dagelijks bestuur in overleg met de uittredende gemeente een tussentijdse afrekening op met inachtneming van de navolgende uitgangspunten. De geldende grondexploitatiebegroting wordt per datum van uittreden geactualiseerd en zo nodig aangepast. Wanneer het geprognosticeerd resultaat van de geactualiseerde exploitatiebegroting een nadelig saldo is, zal de uittredende gemeente het haar op basis van de risicoverdeling van artikel 26 toe te rekenen aandeel in dit nadelig saldo aan het bedrijvenschap vergoeden, contant gemaakt per datum van uittreden. Wanneer het geprognosticeerde resultaat van de geactualiseerde exploitatiebegroting een batig saldo is, wordt de contante waarde daarvan per datum van uittreden bepaald, zijnde het geprognosticeerde batig saldo per datum van uittreden. Aan de uittredende gemeente komt alsdan toe haar op basis van de risicoverdeling van artikel 26 toe te rekenen aandeel in het geprognosticeerd batig saldo, voorzover dat per datum van uittreden is gerealiseerd. Uitkering van batige saldi aan de deelnemende gemeenten vindt niet eerder plaats dan wanneer het bedrijvenschap is voltooid en de grondexploitatie afgesloten, tenzij het algemeen bestuur anders mocht besluiten. Onder gerealiseerd batig saldo per datum van uittreden wordt verstaan een percentage van het geprognosticeerd batig saldo, dat gelijk is aan het percentage van de totale oppervlakte van de door het bedrijvenschap uit te geven netto bedrijfsterrein, dat per datum van uittreden is uitgegeven. Bedrijfsterrein geldt als uitgegeven, indien terzake over en weer onvoorwaardelijke verplichtingen zijn aangegaan. Indien het dagelijks bestuur met de uittredende gemeente overeenstemming bereikt over de tussentijdse afrekening, dan wordt deze ter vaststelling voorgelegd aan het algemeen bestuur. Indien geen overeenstemming kan worden bereikt, dan is het bepaalde in artikel 29 van toepassing. Geschillen over een liquidatieplan als bedoeld onder 31.2 c.q. een afrekening als bedoeld onder 31.4 worden beslecht overeenkomstig artikel 29.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel