**1..** Het college stelt op aanvraag van de ouder vast of hij of zijn partner een persoon is:
met een lichamelijke, zintuiglijke, verstandelijke of psychische beperking en in welke mate om die reden, kinderopvang noodzakelijk is, of
die een kind heeft waarvoor en in welke mate kinderopvang in het belang van een goede en gezonde ontwikkeling van dat kind noodzakelijk is.
**2..** Alvorens te besluiten, wint het college ten behoeve van de vaststelling van de noodzakelijkheid van kinderopvang als bedoeld in het eerste lid een sociaal medisch advies in bij de GGD.
**4..** Indien er sprake is van een voorliggende voorziening, en dit ingevolge artikel 9, tweede lid zou leiden tot weigering van de tegemoetkoming ziet het college af van de vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond van sociaal-medische indicatie.
**5..** Het college kan periodiek herindicatie verrichten van personen als bedoeld in het eerste lid. De herindicatie vindt plaats overeenkomstig het tweede lid.
Hoofdstuk 4
Artikel 18
Vaststelling tegemoetkoming voor kinderopvang op grond van sociaal-medische indicatie
Onderdeel van Verordening Wet kinderopvang gemeenten Bloemendaal, Haarlemmerliede en Spaarnwoude en Heemstede