Het college kan een dorpsgezicht aanwijzen als een gemeentelijk
stads- of dorpsgezicht en het college kan een zodanige
aanwijzing wijzigen of intrekken.
Voordat het college over de aanwijzing, wijziging of intrekking
een besluit neemt, vraagt het college advies aan de
geïntegreerde commissie welstand/monumenten.
Het college brengt de gemeenteraad in kennis van het besluit tot
aanwijzing, wijziging of intrekking van een gemeentelijk stads-
en dorpsgezicht.
Een overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 van de
Monumentenwet 1988 aangewezen stads- of dorpsgezicht wordt niet
aangewezen als een gemeentelijk dorpsgezicht.
De aanwijzing als gemeentelijk dorpsgezicht wordt geacht te zijn
ingetrokken indien het gemeentelijk stads- en dorpsgezicht wordt
aangewezen overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 van de
Monumentenwet 1988.
Hoofdstuk 5.
Artikel 14.
De aanwijzing tot gemeentelijk stads- of dorpsgezicht
Onderdeel van Erfgoedverordening 2013 gemeente Bronckhorst