De burgemeester reageert op de hierna vermelde wijze op handel in drugs in lokalen:
Handel in harddrugs: sluiting van het lokaal voor een periode van 12 maanden.
Handel in softdrugs:
indien dat niet geschiedt in combinatie met een onder b genoemd feit: sluiting van het lokaal voor een periode van 4 weken;
indien dat geschiedt in combinatie met:
affichering voor softdrugs (reclame voor softdrugs, op welke wijze dan ook): sluiting van het lokaal voor een periode van 8 weken;
overlast door parkeren, geluid, vervuiling of rondhangende klanten: sluiting van het lokaal voor een periode van 26 weken;
verkoop van softdrugs aan minderjarigen (< 18 jaar): sluiting van het lokaal voor een periode van 1 jaar;
toegang tot het lokaal voor minderjarigen (< 18 jaar): sluiting van het lokaal voor een periode van 26 weken;
verkoop van meer dan vijf gram softdrugs per dag per koper: sluiting van het lokaal voor een periode van 26 weken;
aanwezigheid van meer dan 500 gram: sluiting van het lokaal voor een periode van 26 weken;
handel tussen 00.00 en 12.00 uur: sluiting van het lokaal voor een periode van 8 weken.
Indien binnen 5 jaar na de eerste overtreding waarvoor een sanctie als genoemd in lid 1 of lid 2 is opgelegd, in hetzelfde lokaal wederom een overtreding plaatsvindt, heeft dat tot gevolg dat de toepasselijke sluitingsperiode wordt verdubbeld.
Met nadruk wordt erop gewezen dat een sluiting voor een periode van ten minste een maand, op grond van artikel 5, eerste lid van het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet 1999, leidt tot intrekking van de horecavergunning op grond van de Drank- en Horecawet. Leidinggevenden (ondernemers, bedrijfsleiders, beheerders) van het betreffende horecabedrijf zijn dan gedurende de eerstvolgende 5 jaar niet meer gerechtigd op te treden als leidinggevende in een horecabedrijf.
Hoofdstuk 3
Artikel 4
Reacties op drugshandel in lokalen niet zijnde coffeeshops
Onderdeel van Beleidsregels Damoclesbeleid 2013.