De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden
verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht:
voldoende afvalbakken, -manden of soortgelijke voorwerpen in of
nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig
te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten;
zorg te dragen dat deze afvalbakken, -manden of soortgelijke
voorwerpen van een zodanige constructie is dat het afval daarin
deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbakken, -manden of
voorwerpen steeds tijdig wordt geledigd;
zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk een uur na sluiting van
de inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging
van een ambtenaar, belast met de toezicht op de naleving van dit
artikel, in de nabijheid van de inrichting achtergebleven afval,
voor zover kennelijk uit of van die inrichting afkomstig, wordt
opgeruimd.
Paragraaf 5
Artikel 20
Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren
Onderdeel van Afvalstoffenverordening Schiedam 2013