Naar hoofdinhoud

Artikel 10 Agenda

Artikel 10 Agenda

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies 2013

1.. De voorlopige agenda wordt opgesteld door de voorzitter, geadviseerd door de griffier, op basis van de door het college toegezonden stukken en de door raadsfracties aangevraagde agendapunten. 2.. Een fractie die een agendapunt aandraagt is in principe gehouden uiterlijk twee weken voor de vergadering bespreekpunten bij dit agendapunt in te dienen. Als dit wordt verzuimd is de voorzitter gerechtigd het desbetreffende punt niet te agenderen. 3.. Bij aanvang van de vergadering stelt de commissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de commissie onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda doen afvoeren. 4.. Met uitzondering van spoedeisende zaken en zaken van eenvoudige aard worden in de vergadering geen zaken behandeld, waarvan de leden niet ruim van tevoren kennis hebben kunnen nemen. 5.. Wanneer de commissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De commissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. 6.. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.

Rechtspraak bij dit artikel