Naar hoofdinhoud
Het godsdienst- en vormingsonderwijs wordt gegeven aan de leerlingen: van de door de burgemeester en wethouders aan te wijzen leerjaren, de directeur van de basisschool en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad gehoord; waarvan de ouders, voogden of verzorgers godsdienst- of vormingsonderwijs verlangen.

Rechtspraak bij dit artikel