**1..** Voor het verkrijgen van de in artikel 1 bedoelde bijdrage zenden de in artikel 1 genoemde instellingen voor 1 november aan burgemeester en wethouders de volgende op het afgelopen schooljaar betrekking hebbende opgave, vermeldende voor elke school afzonderlijk:
de naam van degene(n), die met het geven van godsdienst- of vormingsonderwijs belast is (zijn) geweest;
het totaal aantal uren, dat godsdienst- of vormingsonderwijs werd gegeven;
het totaal aantal gegeven lessen;
het aantal leerlingen per groep, waarvan de ouders etc. aan het begin van het schooljaar hebben verklaard godsdienst- of vormingsonderwijs te verlangen.
**2..** De opgave in lid 1 wordt, vóór de inzending aan burgemeester en wethouders, door de directeur van de desbetreffende school voor akkoord getekend.