1. De netwerkaanbieder dient bij het indienen van een verzoek om nadeelcompensatie aan te tonen op welke datum het instemmingsbesluit/vergunning is verleend voor het aanleggen van de (vitale) kabel en/of leiding op de locatie waaruit zij moet worden verlegd.
2. Indien het instemmingsbesluit/vergunning ontbreekt, wordt gerekend vanaf de datum waarop het leggen volgens de registratie van de aanbieder is aangevangen.
3. Indien niet kan worden aangetoond op welke datum het instemmingsbesluit/vergunning is verleend dan wel op welke datum met het leggen is aangevangen, dan wordt er vanuit gegaan dat de betreffende kabel en/of leiding langer dan 15 jaar en voor een vitale kabel en/of leiding langer dan 30 jaar aanwezig is.