Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2

subcriteria voor ontheffing

Onderdeel van Vaststellen hogere grenswaarden Wet geluidhinder

Naast de in artikel 1 genoemde hoofdcriteria moet aan één van de onderstaande subcriteria worden voldaan. .Bij weg- en railverkeerslawaaiwordt slechts afgeweken van de voorkeursgrenswaarde indien: er sprake is van nog niet geprojecteerde woningen buiten de bebouwde kom, die: verspreid gesitueerd worden; nodig zijn vanwege grond- of bedrijfsgebondenheid; een open plaats tussen aanwezige bebouwing opvullen; bestaande bebouwing vervangen; er sprake is van nog niet geprojecteerde woningen binnen de bebouwde kom, die: in een dorps- of stadsvernieuwingsplan worden opgenomen; door situering of bouwvorm een doelmatige akoestisch afschermende functie gaan vervullen voor andere woningen; nodig zijn vanwege grond- of bedrijfsgebondenheid; een open plaats tussen aanwezige bebouwing opvullen; bestaande bebouwing vervangen; er sprake is van een geprojecteerde, in aanbouw zijnde of aanwezige woningen en een nog niet geprojecteerde (spoor)weg, voor zover die (spoor)weg: een noodzakelijke verkeers- en vervoersfunctie zal vervullen. Bij aanleg of wijziging aan een hoofdspoorweg is Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant het bevoegd gezag. Nadrukkelijk is deze beleidsregel op het vaststellen van hogere grenswaarden in die gevallen niet van toepassing. Bij wegverkeerslawaai wordt naast het bedoelde in lid 2 slechts afgeweken van de voorkeursgrenswaarde indien: er sprake is van een aan te leggen weg die een zodanige verkeersverzamelfunctie zal vervullen, dat die weg zal leiden tot aanmerkelijk lagere geluidsbelastingen van woningen binnen de zone van een andere weg. (Bijvoorbeeld de aanleg van randwegen.) Bij railverkeerslawaaiwordt naast het bedoelde in lid 2 slechts afgeweken van de voorkeursgrenswaarde indien: er is sprake van nog niet geprojecteerde of geprojecteerde woningen die: in de omgeving van een station of halte gesitueerd worden; in een stads- of dorpsvernieuwingsplan worden opgenomen; door de gekozen situering of bouwvorm een doelmatige akoestische afscherming gaan vervullen voor andere woningen of voor andere geluidgevoelige gebouwen of geluidgevoelige terreinen. Bij industrielawaaiwordt naast het bedoelde in lid 2 slechts afgeweken van de voorkeursgrenswaarde indien: er sprake is van nog niet geprojecteerde of geprojecteerde woningen die: een geluidbelasting ondervinden die gelijk is aan of lager dan het ter plaatse heersende referentieniveau. er sprake is van aanwezige of in aanbouw zijnde woningen die: een geluidbelasting ondervinden die gelijk is aan of lager dan het ter plaatse heersende referentieniveau; te allen tijde geldt als uitgangspunt dat in nieuwe situaties zoveel mogelijk aan de voorkeursgrenswaarde moet worden voldaan; indien afwijking desalniettemin gewenst is, moet de noodzaak tot afwijking aangetoond worden; het vaststellen van een hogere grenswaarde voor deze categorie zal slechts dan worden verleend wanneer de derde die de maatregelen zal treffen garandeert dat de te treffen geluidsreducerende maatregelen daadwerkelijk zullen worden gerealiseerd; Burgemeester en wethouders kunnen bij alle in de leden 2 tot en met 5 van dit artikel genoeme lawaaisoorten aanvullende de eis stellen dat de woningen zullen beschikking over tenminste geluidluwe gevel en dat voldoende verzekerd is dat de verblijfsruimten en de tot de woning behorende buitenruimte niet worden gesitueerd aan de gevel waar de hoogste geluidbelasting optreedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel