Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Dringende redenen

Onderdeel van Beleidsregels boete WWB, IOAW, IOAZ

1.. Het college kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn. 2.. Er is enkel sprake van dringende redenen indien de gevolgen van het opleggen van een bestuurlijke boete leidt tot onaanvaardbare consequenties, zijnde noodsituaties, voor de belanghebbende en/of zijn gezin. Hiervan zal in de praktijk zelden sprake zijn. 3.. Lichamelijke en psychische klachten die al enige tijd bestaan en dus niet in het bijzonder het gevolg zijn van het boetebesluit vormen op zich geen dringende redenen 4.. De omstandigheid dat de belanghebbende (weer) in een schuldsaneringstraject is/wordt opgenomen vormt op zich geen dringende redenen.

Rechtspraak bij dit artikel