1.De bepalingen van de subsidieregeling bedoeld in artikel 10, tweede lid blijven van toepassing op de subsidies die op basis van die subsidieregeling zijn verstrekt.
2.Indien voor het tijdstip van de inwerkingtreding van deze subsidieregeling een aanvraag om een subsidie op grond van de subsidieregeling bedoeld in artikel 10, tweede lid is ingediend en voor het tijdstip van de inwerkingtreding van onderhavige subsidieregeling nog niet op de aanvraag is beslist, worden daarop de overeenkomstige toepasselijke bepalingen van de onderhavige subsidieregeling toegepast.
3.Op een aanhangig beroep- of bezwaarschrift, betreffende een subsidie, bedoeld in het eerste lid, dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 10, eerste lid is ingekomen binnen de voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van de subsidieregeling bedoeld in artikel 10, tweede lid.
4.De intrekking van de subsidieregeling bedoeld in artikel 10, tweede lid heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die subsidieregeling genomen nadere regels, beleidsregels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in de subsidieregeling bedoeld in artikel 10, tweede lid en voor zover niet eerder zijn vervallen of ingetrokken.
HOOFDSTUK 3
Artikel 11
Overgangsbepaling
Onderdeel van Subsidieregeling structurele subsidie voor amateurkunstverenigingen 2013