In deze regeling wordt verstaan onder:
1. briefadres (artikel 1 Wet GBA): adres waar voor betrokkene bestemde
geschriften in ontvangst worden genomen en waar, indien daartoe grond
bestaat, zorg wordt gedragen dat geschriften of inlichtingen daarover,
betrokkene bereiken;
2. briefadresgever: de ingezetene in de basisadministratie of bij wie
het briefadres wordt gehouden;
3. briefadreshouder: de ingezetene in de basisadministratie die een
briefadres houdt;
4. woonadres (artikel 1 Wet GBA):
a. het adres waar betrokkene woont, waaronder begrepen het adres van
een woning die zich in een voertuig of vaartuig bevindt, indien het
voertuig of vaartuig een vaste stand- of ligplaats heeft, of indien
betrokkene op meer dan één adres woont, het adres waar hij naar
redelijke verwachting gedurende een half jaar de meeste malen zal
overnachten;
b. het adres waar, bij het ontbreken van een adres als bedoeld onder a,
betrokkene naar redelijke verwachting gedurende drie maanden ten minste
twee derden van de tijd zal overnachten;
5. gezinshuishouden:
a. twee personen die volgens de basisregistratie personen een
geregistreerd partnerschap zijn aangegaan of gehuwd zijn, met of zonder
kind(eren);
b. twee personen die door het overleggen van een door een notaris
opgemaakt samenlevingscontract hebben aangetoond, dat zij een
gemeenschappelijke huishouding voeren, met of zonder kind(eren):
c. een alleenstaande ouder met kind(eren).