Indien en voor zover blijkt dat een belanghebbende schade lijdt
of zal lijden, die redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen
last behoort te blijven, kent het bevoegd gezag hem op zijn
aanvraag een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toe,
indien de schade in relatie staat tot:
de weigering van het bevoegd gezag een vergunning als
bedoeld in de artikelen 10, 20 en 29 te verlenen;
de voorschriften door het bevoegd gezag verbonden aan
een vergunning als bedoeld in de artikelen 10, 20 en
29.
Voor de behandeling van de aanvragen zijn de bepalingen van de
procedureregeling bij toepassing van afdeling 6.1 van de Wet
ruimtelijke ordening van overeenkomstige toepassing.
HOOFDSTUK 6
Artikel 32
Schadevergoeding
Onderdeel van Monumentenverordening gemeente Oisterwijk 2010