Naar hoofdinhoud
1.. Het college informeert de raad door middel van tussentijdse rapportages over de realisatie van het gemeentelijk beleid over de eerste vier maanden en de tweede vier maanden van het lopende boekjaar. 2.. De tussenrapportages worden aan de raad aangeboden op de volgende tijdstippen: de eerste viermaands rapportage vóór 1 oktober van het lopende begrotingsjaar; de tweede viermaands rapportage vóór 31 december van het lopende begrotingsjaar. 3.. De inrichting van de tussentijdse rapportages sluit aan bij de programma-indeling van de begroting. 4.. De rapportages gaan in op afwijkingen, zowel wat betreft de baten en lasten, en indien daar aanleiding voor is de maatschappelijke effecten. 5.. Het college informeert in ieder geval vooraf de raad en neemt pas een besluit, nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen voorzover het betreft niet bij begroting vastgestelde afzonderlijke verplichtingen inzake: investeringen die naar het oordeel van het college politiekgevoelig zijn; het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan € 50.000. de in b genoemde informatieplicht is niet van toepassing bij aanvragen van woningbouwcorporaties om als achtervang te fungeren. Uitdrukkelijke voorwaarden hierbij zijn: de financiering is direct te relateren aan nieuwe projecten / investeringen binnen onze gemeente én de financiering wordt in samenwerking met het Waarborgfonds Sociale Woningbouw afgesloten. 6.. Het college mag beschikken over reserves voorzover het activiteiten betreft welke passen binnen de voor de betreffende reserve geformuleerde doelstellingen, tenzij hierop een beperking is gelegd bij het opstellen van de nota reserves en voorzieningen. In de tussentijdse rapportages en de jaarrekening wordt de raad hieromtrent geïnformeerd.

Rechtspraak bij dit artikel