Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 20

Opening vergadering; vergaderquorum

Onderdeel van Verordening voor de raad, bevattende het reglement van orde voor de raad en de raadscommissies

De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, indien de helft plus één van de leden van de raad, blijkens de presentielijst aanwezig zijn. Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter, na voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van de Gemeentewet. Terstond na de opening van de eerste vergadering in het nieuwe jaar, wordt het volgende gebed uitgesproken: “Almachtige God, Wij danken U , dat Gij ons allen gespaard hebt en in goede welstand hier wilt samenbrengen om de belangen der gemeente te behartigen. Wij bidden U om Uw zegen bij de volbrenging der werkzaamheden, die ons in het komende jaar zijn opgelegd. Schenk ons wijsheid en voorzichtigheid en doe onze beraadslagingen strekken tot Uw eer en tot bevordering der ware belangen van deze gemeente. Dit vragen wij U om Christus’ wil. Amen” Het in derde lid genoemde gebed wordt uitgesproken door de voorzitter van de raad of, indien hij of zij het uitspreken van het gebed niet met zijn of haar innerlijke overtuiging in overeenstemming kan brengen, door een raadslid dat zich daarvoor beschikbaar stelt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel